Nog voordat je ook maar één waterval ziet, maakt Iguazú al diepe indruk. Het oorverdovende geraas van miljoenen liters water die met geweld naar beneden storten, is al van grote afstand hoorbaar. Gelegen bij het drielandenpunt van Argentinië, Paraguay en Brazilië behoort Parque Nacional del Iguazú tot de absolute topattracties van Zuid-Amerika. Voor de pandemie bezochten jaarlijks zo'n 1,6 miljoen mensen dit immense natuurgebied. Het park beslaat ruim 77.000 hectare en omvat niet alleen de beroemde watervallen, maar ook een uitgestrekt subtropisch regenwoud met een enorme biodiversiteit. Slechts een klein deel van het park - ongeveer 100 hectare - is toegankelijk voor bezoekers, via drie zorgvuldig aangelegde wandelcircuits: het lage pad, het hoge pad en het circuit naar de Garganta del Diablo.

Dat Iguazú een van de drukst bezochte bestemmingen van Argentinië is, doet niets af aan de overweldigende natuurbeleving. Integendeel: de schaal en kracht van het landschap zijn zo groot dat massatoerisme hier volledig naar de achtergrond verdwijnt. Vanaf de wandelpaden geniet je van spectaculaire panorama's, waarbij je de watervallen vanuit verschillende hoeken en hoogtes ziet neerstorten. Ook vanaf het water - tijdens een boottocht tot vlak onder de cascades - ervaar je het natuurgeweld van dichtbij. Vooral de hoger gelegen wandelpaden bieden een indrukwekkend overzicht van het volledige complex en zijn aangelegd als een logisch circuit. Reken gerust op enkele uren wandelen, waarbij je onderweg geregeld neusberen, apen en kleurrijke vogels kunt tegenkomen.
Het centrale startpunt van het park is het Área de Recepción, vanwaar de ecologische trein je comfortabel naar de belangrijkste uitkijkpunten brengt. De meest gebruikte uitvalsbasis is het stadje Puerto Iguazú, op circa 17 kilometer van de watervallen.
Met in totaal zo'n 300 afzonderlijke watervallen vormt Iguazú het grootste watervalcomplex van Zuid-Amerika. De hoogte varieert van 60 tot wel 80 meter en over een breedte van maar liefst 2,7 kilometer stort het water zich naar beneden. Het absolute hoogtepunt is zonder twijfel de Garganta del Diablo, oftewel de Keel van de Duivel. Hier verdwijnt het water met enorme kracht in een hoefijzervormige kloof van ongeveer 150 meter breed en 700 meter lang. De constante nevel die hierbij ontstaat, creëert een bijna surrealistische sfeer en regelmatig verschijnen er regenbogen boven de afgrond. Via een speciaal aangelegd wandelcircuit met balkons sta je letterlijk aan de rand van dit natuurfenomeen en kijk je uit over een van de meest indrukwekkende landschappen van het continent.
Een bezoek aan Iguazú is niet compleet zonder een tocht per speedboot onder de watervallen. Vanuit verschillende opstapplaatsen varen robuuste boten met groepen bezoekers dwars door de nevel en tot vlak onder de neerstortende watermassa's. Nat word je gegarandeerd - een poncho is geen overbodige luxe - maar juist die fysieke ervaring maakt de excursie zo memorabel. Het dreunende geluid, het opspattende water en het uitzicht van onderaf laten pas echt voelen hoe groots dit natuurgeweld is. Reserveren kan vooraf via je hotel, maar ook ter plaatse zijn kaartjes meestal goed verkrijgbaar. Voor waardevolle spullen krijg je een waterdichte tas mee, en die blijkt geen overbodige voorzorg.
Naast de watervallen herbergt Nationaal Park Iguazú een uitgestrekt subtropisch regenwoud van ruim 67.000 hectare. Dit gebied vormt het leefgebied van onder meer jaguars, kaaimannen, reuzenotters en verschillende apensoorten, waaronder het kapucijnaapje en de bruine en zwarte brulaap. Wie zijn bezoek wil uitbreiden, kan deelnemen aan jungle-excursies zoals die van Iguazú Jungle Explorer. In open terreinwagens rijd je diep het woud in, terwijl een ervaren gids toelichting geeft op de indrukwekkende flora en fauna. Zo'n excursie is een waardevolle aanvulling op de watervallen, al is zelfs dit slechts een korte kennismaking met de enorme ecologische rijkdom van dit unieke natuurgebied.