Bij Spaanstalige Wereld doen we niets liever dan verhalen en kennis delen die de waardering voor Spaanstalige landen verhogen. Als een redactielid van ons platform een jaar lang op reis gaat door Zuid-Amerika, dan wordt er eigenlijk ook wel verwacht dat daar een boel nuttige en interessante blogs uit voortkomen.

Gek genoeg werkten al die avonturen in mijn geval een beetje verlammend. Zoveel mooie vergezichten, zoveel nieuwe mensen, zoveel indrukwekkende belevenissen!
Inmiddels ben ik echter weer een tijdje terug in Nederland en begin ik alles langzaamaan wat beter onder woorden te kunnen brengen. In deze eerste reisblog van mijn hand neem ik jullie graag mee naar wat misschien wel het minst populaire land van Zuid-Amerika is, namelijk Paraguay.
Nu bedoel ik niet te zeggen dat Paraguay een negatief imago heeft. Het lijkt er meer op dat het simpelweg aan ieders aandacht ontsnapt. Toen ik er eenmaal was geweest, merkte ik dat ik vooral woorden gebruikte als "merkwaardig" en "anders" om het te beschrijven, maar ook de meer positieve varianten daarvan, zoals "verrassend" en "grappig".
Laat ik allereerst maar eens een van de grootste bijzonderheden van het land benoemen: de taal.
In Paraguay wordt namelijk niet alleen Spaans gesproken, maar ook veel Guaraní. Dat is op zich nog niets vreemds. In de meeste Latijns-Amerikaanse landen wordt er naast het Spaans minimaal één andere taal gesproken onder de lokale bevolking.
Wat bijzonder is aan Paraguay, is dat de oorspronkelijke inheemse taal niet alleen door de oorspronkelijke inheemse bevolking wordt gesproken, maar door alle Paraguayanen. Volgens een artikel in El País uit 2013 spreekt vandaag de dag ongeveer 70% van de Paraguayanen Guaraní en is het de enige inheemse taal op het Amerikaanse continent die door de meerderheid van een niet-inheemse bevolking wordt gesproken.
De dominantie van het Guaraní in Paraguay is voor een groot deel te danken aan de jezuïeten, die tijdens de koloniale periode een schriftelijke vorm van de taal ontwikkelden. Dit was anders dan in de rest van het continent, waar de lokale bevolking vooral te maken had met katholieke kolonisatoren die de lokale talen juist onderdrukten en het christelijke geloof via de Spaanse taal oplegden.
Het is moeilijk uit te leggen hoe zoiets het alledaagse leven beïnvloedt, maar ik kan niet anders zeggen dan dat het echt anders aanvoelt. In dat eerder genoemde artikel wordt het spreken van Guaraní beschreven als een verzetsdaad. En zo voelt het ook echt, zelfs nu nog.
Na eerst vele maanden te hebben gereisd door landen met spectaculaire uitzichten op bergen, watervallen, grotten en vulkanen was het Paraguayaanse landschap wel even wennen. Het eerste dat opvalt, is dat het er heel plat is. Weliswaar iets glooiender dan Nederland, maar het scheelt weinig. Het hoogste punt van het land, de Cerro Tres Kandú, ligt op een hoogte van 842 meter. Ter vergelijking: het hoogste punt van Nederland is de Vaalserberg, op 322 meter boven zeeniveau.
Zei er iemand zee? Die heeft Paraguay niet. Het land is volledig ingesloten door Bolivia, Argentinië en Brazilië. Toch is er aan water geen tekort. Brede rivieren, met de Río Paraguay als levensader, doorkruisen het land en vormen een belangrijke handelsroute.
Een ander aspect van het Paraguayaanse landschap dat onmiddellijk opvalt, is de roodbruine aarde. Als je van de ene stad naar de andere rijdt, passeer je eindeloze vlaktes met vee en gewassen, met zandwegen die lijken te zijn aangelegd met het gravel van Roland Garros (of andersom).
Een plat land met een stabiel klimaat en relatief vruchtbare grond: dat hier veel landbouw wordt bedreven, zal mensen niet verbazen. Op de akkers worden gewassen als soja, suikerriet en maïs op grote schaal verbouwd.
Opmerkelijk was ook om te merken dat de mensen die me vanaf de boerderijen en enorme monsters van machines aankeken, leken op de mensen van mijn geboortegrond. Ze groetten zelfs op dezelfde manier.
De reden: in deze uitgestrekte landbouwgebieden vestigden zich vanaf het begin van de twintigste eeuw mennonieten. Dit zijn strenggelovige kolonisten die afstammen van Friezen en andere Noord-Europese volkeren. Zij legden er gemeenschappen aan die vandaag de dag nog altijd bestaan en een belangrijke rol spelen in de veeteelt en melkproductie van het land.
Daarnaast ben ik nog veel meer Paraguayanen tegengekomen met Europese roots, die in verschillende tijdperken hun weg naar dit land hebben gevonden om er een leven op te bouwen. Toen ik in een restaurant zuurkool met bockworst op de kaart zag staan en bier in pullen werd geserveerd, moest ik wel even een paar keer knipperen om te checken of ik niet per ongeluk in een rare droom was beland. Maar ook dat is Paraguay!
Natuurlijk kon ik als geboren Friezin de kans niet voorbij laten gaan om het plaatsje Friesland te bezoeken, gelegen vlak naast Volendam.
Ik moet bekennen dat ik tijdens mijn reis door Paraguay maar één stad heb bezocht, namelijk de hoofdstad Asunción. Van andere reizigers en locals heb ik veel goeds gehoord over andere steden, zoals Encarnación (vooral interessant tijdens carnaval en andere festivals) en Ciudad del Este (bekend als plek om te shoppen en als tussenstop onderweg naar de Iguazú-watervallen).

Wat ik kan vertellen over Asunción is dat het hot is. In alle betekenissen van het woord. Het is er hip en modern, maar ook echt bloedjeheet (zeker in januari en februari, toen ik er was)! Bijzonder was de geur van mango's die overal in de stad groeiden en van de bomen vielen. De stoepen waren op sommige plekken verraderlijk glibberig.
Hoewel ik van tevoren wel gewaarschuwd was over de veiligheid op sommige plekken, heb ik tijdens mijn bezoek geen problemen ervaren. De mensen waren vriendelijk en de faciliteiten werkten goed.
Net als in de meeste andere Latijns-Amerikaanse steden is er een oud centrum met een kerk en diverse overheidsgebouwen in de omgeving. Een centraal plein is er niet echt. Wel zijn er diverse parken en staan er overal veel bomen die beschutting bieden tegen de zon. Iets buiten het centrum zijn er grote, moderne winkelcentra (met verfrissende airco) waar je alles kunt kopen en eten wat je hartje begeert. Dat is ook waar ik uiteindelijk een auto heb gehuurd, tegen een prima prijs.
De wegen waren eigenlijk overal verrassend goed (zolang je op de geasfalteerde wegen bleef). Ook de bewegwijzering was heel duidelijk en de medeweggebruikers relatief beleefd, wat het heel laagdrempelig maakte om er als Europeaan zelf te rijden.
Als je me vraagt om een opsomming van mooie activiteiten die je in Paraguay kunt doen, moet ik je teleurstellen. Het klinkt misschien flauw, maar Paraguay is wat mij betreft echt een plek die iedereen voor zichzelf moet ontdekken. Het heeft geen must-see highlights, geen spectaculaire monumenten of natuurlijke wereldwonderen.

Voor mij persoonlijk was Paraguay een plek om een van mijn grote wensen in vervulling te laten gaan: meedraaien op een ranch en te paard de landerijen af om het vee thuis te brengen. Ik heb geleerd hoe je tereré drinkt en hoe dit niet alleen een verfrissende drank is, maar ook onderdeel uitmaakt van een ritueel van samenzijn en delen. Ik heb geleerd dat kippen echt heel moeilijk te vangen zijn als ze in paniek zijn, en dat een plons in een koude rivier aan het einde van de dag werkelijk hemels is.
Kortom, als je een beetje zelfredzaam bent en wel tegen een beetje verwarring kunt, dan is Paraguay echt een bezoekje waard.