Reisverslag Managua, Masaya, San Juan del Sur, Nicaragua
terug naar reisverslagen overzicht
Het heeft even geduurd, maar na anderhalf jaar vol heimwee terug denken aan mijn zes maandenlange verblijf in León, Nicaragua is het in februari 2005 dan eindelijk weer zover. Ik ben terug in het land van Gallo pinto, eindeloze vulkanen, hitte, lege stranden en nog amper bezochte natuur parken.

De gemiddelde toerist die Nicaragua bezoekt, zal het land in en uit gaan vanuit de buurlanden Costa Rica, Honduras. De route door centraal Amerika brengt de rugzakker vaak niet verder dan een weekje doorreis en dat terwijl je hier maanden in het land kan vertoeven zonder dat het saai wordt. Een vlucht vanuit Miami naar Managua zit vol met migranten Nica´s, enthousiaste Amerikaanse missionairees en een enkele toerist.
Managua - de hoofdstad -

Managua is een stad die de toerist weinig meer te bieden heeft dan akelige autowegen, sloppenwijken, afval, stof en buurten waar de gemiddelde Nicaraguaan nog niet te voet naar binnen durft. De bezienswaardigheden zijn op de vingers van een hand te tellen. Of je moet de sloppen, autowegen en gevaarlijke markten graag willen zien.
Als je dan toch wat tijd aan de stad wil spenderen bezoek dan de nieuwe kathedraal, een bizarre moskee achtig gebouw midden in een kale vlakte.
Of ga naar de stinkende Malecon waar je uitzicht hebt op het meer van Managua, het grote plein hebt, het oude theater, presidentsgebouw. Een advies: probeer het niet te belopen. De stad is ingesteld op auto's en de rotondes zijn met geen mogelijkheid te voet te kruisen. Al weerhoudt het langsdenderende verkeer de lokale straatverkopers niet, dag in dag uit temidden van het verkeer hun waterzakjes, zonnebrillen, fruit, kaketoes en pinda´s te verkopen. Een enkele dag in Managua is meer dan voldoende, zorg dan dat je de stad uitgaat naar rustiekere, mensvriendelijkere oorden.
La Fortaleza - herinneringen aan de dictatuur - La Fortaleza, een voormalig fort, cq gevangenis, net buiten Masaya, is de moeite van een bezoekje waard. Ten tijden van de dictatuur van Somoza werd het fort gebruikt als gevangenis als overvolle gevangenis, inclusief martelkamers. In het jaar van de revolutie in 1979 wisten de Sandinisten het fort te bevrijden en werden de rollen omgedraaid. Niet de intellectuele guerrillero's vulden vanaf toen de cellen, maar hun voormalige bewakers en beulen (leden van de gevreesde Guardia/geheime dienst) werden de bewoners van de betonnen cellen. Vanaf de weg naar Masaya leidt een geasfalteerde weg je naar het fort. Het is een steile klim, maar eenmaal boven heb je een prachtig uitzicht over de vulkanen van Masaya, de Momotombo bij Managua en de Mombacho bij Granada. Er hangen in het fort wat padvinders rond die 10 cordobas vragen voor het onderhoud van het monument. Mij is niet duidelijk wat er zoal onderhouden wordt, want zoals het een goed Nicaraguaanse revolutionair monument betaamd....staat de zaak er toch zo´n beetje op instorten. Het geld wordt wellicht besteed als een fooi voor degenen die rondleidingen geven in de ondergrondse cellen. Zonder gids is er niet veel te zien, niet alleen omdat er geen licht in de cellen is, maar ook omdat het zonder uitleg niet meer lijkt dan een betonnen karkas. De gids was er een van het snel pratende soort, desondanks kwam de boodschap over en werd, met uitleg, de gruwelijke geschiedenis van het fort aanzienlijk levendiger. Hoewel de term levendig wellicht niet de juiste is voor een plek waar dictator Somoza mensen hun testikels liet afhakken, studenten wekenlang opsloot in pikdonkere cellen en alle mogelijke andere martelingen plaatsvonden.
Masaya

Voor een wat minder beladen herinnering aan de stad besloot ik de markt weer op`te zoeken waar ik anderhalf jaar geleden me te buiten ben gegaan aan verscheidene souvenirs. Hordes toeristen worden uitgespuugd voor de ingang van de gerenoveerde markt, waar souvenirs liggen uitgestald in akelig schone vitrines. ´s Avonds schijnen er optredens te zijn van dans en muziekgroepen. Vast heel handig als je snel een idee wil krijgen van hoe het Nicaraguaanse toeristenbureau zich het liefst wil verkopen. Heb je echter meer tijd te besteden vergeet dan de gerestaureerde markt en zoek het busstation, dat verdacht veel weg heeft van een vuilnisbelt. Als het je lukt niet uit te glijden over fruit en plastic resten loop je zo een gigantische overdekte markt in, waar je niet alleen de authentieke Nicaraguaan boodschappen ziet doen, maar waar je ook een grote souvenir afdeling vindt met alle mogelijke zaken. Van nutteloze prullaria tot prachtige hangmatten en keramiek, alles voor een zeer redelijke prijs. Een bezoek aan deze markt wellicht beter aan het eind van een vakantie als je niet meer van plan bent om je al reizend in overvolle bussen te laten proppen.
San Juan del Sur

Bij een tweede bezoek aan Nicaragua kan ik als toerist niet om San Juan del Sur heen. Nicaragua heeft de pech, of het geluk, dat het door de meeste toeristen "wordt gedaan" tijdens een rondreis door Centraal Amerika. Even snel een weekje Nicaragua levert dan een strak schema op. Komend vanaf Costa Rica betekent dat vaak, dat onderweg naar het eiland Ometepe en de toeristentrekker Granada, het badplaatsje San Juan del Sur even snel wordt aangedaan. Omdat ik tijdens mijn voorgaande verblijf in Nicaragua al genoeg had aan het ruige strand van León, was mij in al die zes maanden San Juan del Sur bespaard gebleven. Te toeristisch leek het me. Nu als rechtgeaard toerist besluit ik dat ik de beroemde baai toch echt niet links kan laten liggen.
Het mag dan niet hoogseizoen zijn in februari, in het kleine centrumpje van het dorp is op elke straathoek wel een buitenlander te vinden. Veel laid back surfer types, piercinkje hier, tatoeagetje daar, surfboard nonchalant onder de arm geklemd. Daarnaast is het bijna gepensioneerde soort ook veelvuldig aanwezig. Het merendeel is Amerikaan en praat niets iets te hard. Het liefst over het stuk land wat ze zojuist voor een prikkie hebben aangeschaft. De hele kuststrook lijkt er te worden opgekocht door Amerikanen. Het is spot goedkoop. Dat het kopen van een stuk grond nogal wat gedoe met zich mee kan brengen daar houden ze zich nog even niet mee bezig.
De eigendomsrechten van land hier zijn ingewikkeld. Voor de revolutie in 1979 was zo´n 90 procent in handen van dictator Somoza en vrienden en familie. Na de revolutie werd het land herverdeeld en mochten boeren hun eigen grond bezitten. De Sandinisten waren echter ook niet vies van het onder dubieuze omstandigheden herverdelen van land onder vrienden en bekenden. Wie nu sinds wanneer, en waarvan eigenaar is wordt met de jaren niet duidelijker. Desondanks kopen de Amerikanen het ene stuk grond na het andere. Helemaal ongelijk kun je ze niet geven want het is hier zeer aangenaam. De stranden in de omgeving zjin leeg, en variëren van zeer goed zwembare baaien tot ruigere surfplekken.
Om je kennis van het Spaans op te frissen kun je hier terecht bij twee Spaanse scholen in het dorp. De NSS ( Nicaraguan Spanish Schools ) is één van de drie vestigingen in Nicaragua. Een goed lopende onderneming van een Amerikaan, met vestigingen in León en Granada en San Juan del Sur. De andere school is de Escuela Playas del Sur , een coöperatie van vrouwelijke docenten die het oneens waren met de arbeidsvoorwaarden van de NSS school en voor zichzelf begonnen. De laatst genoemde school biedt vijf ochtenden privé-les in een prachtig gebouw met uitzicht op de baai en onderdak bij een Nicaraguaanse familie, inclusief drie 'Nicamaaltijden' per dag voor maar $ 155. De NSS variant is iets duurder maar biedt naast de privéles en onderdak bij een familie ook elke middag activiteiten aan variërend van dans of kookles tot uitstappen naar stranden in de omgeving.
Voor bedrijvige markten, busstations, vulkanen, of koloniale gebouwen moet je hier niet zijn. Voor de strandliefhebber die de luid pratende neo koloniale Amerikanen niet al te storend vindt, biedt San Juan del Sur een mooie uitvalsbasis om de lege stranden in zuid west Nicaragua te bezoeken. De baai van het dorp zelf is zeer geschikt om te belopen, in te zwemmen of om een zonsondergang in te bekijken al hangend in de hangmat. Voor grote strandfeesten en Ibiza achtige toestanden moet je hier niet zijn. Afgezien van Semana Santa (de week rond Pasen) is het hier uitgestorven. Tijdens de paasweek loopt heel Nicaragua uit op zoek naar zwemwater. Alle badplaatsen zien zwart van feestende Nicaraguanen. De rest van het jaar lijkt de bevolking enkel af en toe eens een zondag geïnteresseerd in een bezoek aan het strand. Zo kan het gebeuren dat je in een van de meest toeristische plaatsen van het land eindeloze stranden volledig voor jezelf alleen hebt. Auteur Hinke van Dorp (februari 2005)
|